🔽 Klik op een stap voor meer informatie
Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling
Wat is de meldcode?
De meldcode is een stappenplan dat helpt huiselijk geweld te voorkomen en te stoppen.
Het geeft aan welke acties nodig zijn wanneer signalen van huiselijk geweld worden opgemerkt.
Wat zijn de vijf stappen van de meldcode?
De meldcode bestaat uit vijf stappen die worden doorlopen in de volgorde die past bij de situatie. Soms start het proces met een gesprek, soms wordt eerst advies gevraagd aan Veilig Thuis. Bij acuut gevaar kunnen stappen worden versneld of herhaald. Het doel is om alle stappen zorgvuldig te doorlopen.
Aanvullende stappen:
- Stap 0. Acties bij levensbedreigend gevaar
- Stap 6. Als zorgen over onveiligheid aanhouden
Let op: stap 0 en stap 6 zijn niet wettelijk verplicht, maar ondersteunen bij acute of langdurige onveiligheid.
Stap 0. Acties bij levensbedreigend gevaar
Acties:
- Bel bij acuut gevaar eerst:
- Politie en/of.
- Ambulance.
- Bel indien nodig daarna:
- Crisisinterventieteam ggz of jeugd en/of
- Crisisdienst Veilig Thuis en/of
- Raad voor de kinderbescherming.
- Breng mensen in veiligheid als dat mogelijk is.
- Let op de eigen veiligheid en die van anderen.
- Breng de leidinggevende, directie en/of het bestuur op de hoogte van de situatie.
- Leg vast in het dossier:
- Feitelijke signalen.
- Met wie contact is geweest.
- Acties die zijn uitgevoerd.
- Afspraken die zijn gemaakt.
- Houd een proceslogboek bij om te monitoren.
- Ga door naar stap 1.
Stap 1.Breng signalen in kaart
Acties:
- Verzamel alle signalen die een vermoeden van huiselijk geweld kunnen onderbouwen of ontkrachten.
- Klik hier voor signaallijsten op deze site of de signalenkaart.
- Onderbuikgevoelens zijn interpretaties van signalen die zijn gezien, gehoord of geroken.
- Probeer onderbuikgevoelens terug te brengen tot feitelijke signalen.
- Bereid het gesprek met betrokkene(n) voor.
- Ga in gesprek met betrokkene(n):
- Geef het doel van het gesprek aan.
- Deel de signalen en zorgen.
- Vraag of betrokkene(n) de signalen en zorgen herkent.
- Vang eventuele emoties op.
- Geef aan of er overleg plaatsvindt en zo ja, met wie.
- Maak duidelijke afspraken over het vervolg.
- Voer de kindcheck uit als met kwetsbare mensen wordt gewerkt die verantwoordelijk zijn voor kinderen en die een risico kunnen vormen voor de veiligheid van kinderen.
- Voer de mantelzorgcheck uit als met kwetsbare mensen wordt gewerkt die mantelzorger zijn en die een risico kunnen vormen voor de veiligheid van degene aan wie mantelzorg wordt verleend.
- Leg vast in het dossier:
- Feitelijke signalen en zorgen.
- Met wie een gesprek is gevoerd.
- De reactie van betrokkene(n) en/of diens vertegenwoordiger op de signalen en zorgen.
- Afspraken over het vervolg.
- Ga door naar stap 2.
Stap 2. Overleg met deskundig professional en/of Veilig Thuis
Acties:
- Overleg met een deskundig professional, aandachtsfunctionaris en/of Veilig Thuis over:
- de signalen.
- welke acties nodig zijn.
- of er overleg met Veilig Thuis of een deskundige nodig is.
- het wegen met het afwegingskader in stap 4.
- het besluit in stap 5 om hulp te bieden en te melden bij Veilig Thuis.
- het vaststellen van veiligheidsvoorwaarden als hulp kan worden ingezet.
- welke acties nodig zijn als resultaat uitblijft.
- Overleg met een expert over:
- (ex-)partnergeweld, kindermishandeling of ouderenmishandeling met Veilig Thuis of een andere expert.
- seksueel geweld met het centrum seksueel geweld.
- eergerelateerd geweld (EGG) met de taakaccenthouder EGG bij de politie of Veilig Thuis.
- meisjesbesnijdenis / vrouwelijke genitale verminking (VGV) met de aandachtsfunctionaris VGV bij de GGD of Veilig Thuis.
- lichamelijk letsel bij een vermoeden van mishandeling met de vertrouwensarts bij Veilig Thuis of forensisch- of kinderarts in het ziekenhuis.
- Overleg met de politie:
- bij een (mogelijk) strafbaar feit.
- Deel de uitkomsten van het overleg met betrokkene(n) en maak duidelijke afspraken over het vervolg.
- Leg vast in het dossier:
- wie er om advies is gevraagd.
- wat het advies was.
- wls er van het advies is afgeweken en waarom er dan van het advies is afgeweken.
- Ga door naar stap 3.
Stap 3. Ga in gesprek met betrokkene(n)
Acties:
- Voer gesprekken met betrokkene(n) tijdens het volgen van de meldcode.
- Bedenk wie er betrokken worden en let hierbij op gezaghebbende ouder, voogd, mentor of curator.
- Voer geen gesprek zonder overleg met deskundigen bij signalen van:
- acute onveiligheid volgens het afwegingskader.
- dwingende controle (intiem terreur).
- eergerelateerd geweld, huwelijksdwang en achterlating.
- seksueel geweld.
- of als je inschat dat door het gesprek de onveiligheid verergert voor jezelf, collega’s en/of cliënten.
- Bespreek welke veiligheidsafspraken nodig zijn om het gesprek te kunnen voeren.
- Is het risico op onveiligheid te groot, dan kan onderbouwd worden afgezien van een gesprek.
- Informeer betrokkene(n) zodra dat zinvol en mogelijk is zonder gevaar voor de veiligheid.
- Bereid de gesprekken voor.
- Ga in stap 1 in gesprek met betrokkene(n):
- Geef het doel van het gesprek aan.
- Deel de signalen en zorgen.
- Vraag of betrokkene(n) de signalen en zorgen herkent.
- Vang eventuele emoties op.
- Geef aan of er overleg plaatsvindt en zo ja, met wie.
- Maak duidelijke afspraken over het vervolg.
- Ga in stap 2 in gesprek met betrokkene(n):
- Deel de uitkomsten van het overleg.
- Maak duidelijke afspraken over het vervolg.
- Ga in stap 4/5 in gesprek met betrokkene(n):
- Geef het doel van het gesprek aan.
- Deel de signalen en zorgen.
- Deel de uitkomst van overleg uit stap 2.
- Deel de resultaten van de afspraken die gemaakt zijn in de vorige stappen.
- Vraag of betrokkene(n) hulp willen en bespreek wat effectieve en passende hulp is.
- Geef aan als er een melding bij Veilig Thuis wordt gedaan.
- Vertel wat er gebeurt na de melding bij Veilig Thuis.
- Vang eventuele emoties op.
- Maak duidelijke afspraken over het vervolg.
- Leg vast in het dossier:
- Het doel van het gesprek.
- De signalen en zorgen.
- Of betrokkene(n) de signalen en zorgen herkent.
- De uitkomsten van het overleg.
- De resultaten van de gemaakte afspraken.
- Of betrokkene(n) hulp willen en welke hulp.
- Of er een melding bij Veilig Thuis wordt gedaan.
- Duidelijke afspraken over het vervolg.
- Als er geen contact is met betrokkene(n), geef aan waarom dat zo is.
- Ga door naar stap 4.
Stap 4. Weeg de onveiligheid met het afwegingskader
Acties:
- Beantwoord de vragen uit het afwegingskader om de (on)veiligheid in te schatten.
- Weeg samen met een deskundig professional en/of Veilig Thuis.
- Leg de uitkomst van het afwegingskader vast in het dossier.
- Ga door naar stap 5.
Afweging 1. Neem ik signalen van huiselijk geweld waar?

Acties:
Is het antwoord op de afweging:
- Nee: Sluit de meldcode af en leg dit vast in het dossier van de betrokkene. Organiseer zo nodig hulp.
- Ja: Ga naar afweging 2.
- Twijfel je? Overleg met een collega, de aandachtsfunctionaris of Veilig Thuis.
Afweging 2. Neem ik signalen van acute en/of structurele onveiligheid of onthulling waar?

Acties:
- Beantwoord de afweging met onderstaande informatie.
- Is het antwoord op de afweging:
- Ja: Meld bij Veilig Thuis en ga naar afweging 3.
- Nee: Ga naar afweging 3.
- Twijfel je? Overleg met een collega, de aandachtsfunctionaris of Veilig Thuis.
Acute onveiligheid
Acute onveiligheid betekent dat een persoon gevaar loopt en de veiligheid nu en in de komende dagen niet kan worden gegarandeerd.
Voorbeelden van acute onveiligheid (in alfabetische volgorde):
- Abusive head trauma: hard schudden of slaan van een baby, wat kan leiden tot hersenschade.
- Angst in aanwezigheid van partner: het slachtoffer spreekt niet of toont duidelijke angst, zoals verstijven, vermijden of zich terugtrekken.
- Bedreiging: dreiging met letsel of (zelf)moord, zoals dreigen in elkaar te slaan of zichzelf iets aan te doen.
- Blijvend letsel: geweld of verwaarlozing leidt tot verminking of blijvende handicap, zoals gehoorverlies, littekens of functieverlies.
- Blootstelling aan oorlogsgeweld: iemand wordt meegenomen naar of geconfronteerd met oorlogsgebied, zoals bombardementen of gewapende conflicten.
- Escalatie van geweld: geweld neemt toe in ernst of frequentie, zoals vaker en heviger lichamelijk of verbaal geweld.
- Geweld tijdens zwangerschap: lichamelijk geweld of middelengebruik met risico voor moeder en ongeboren kind, zoals slaan tegen de buik of overmatig middelengebruik.
- Kindermishandeling door falsificatie: een ouder doet alsof een kind ziek is of maakt het ziek, bijvoorbeeld door medische gegevens te vervalsen of klachten te veroorzaken.
- Letsel: lichamelijk letsel dat medische zorg vereist, ook bij ongeboren kinderen, zoals botbreuken of inwendig letsel.
- Levensgevaar: signalen van directe dreiging voor het leven, bijvoorbeeld wurging, wapengebruik of ernstige verwondingen.
- Meisjesbesnijdenis: een schadelijke ingreep aan de vulva, zoals het gedeeltelijk of volledig verwijderen van uitwendig weefsel.
- Mensenhandel: signalen van uitbuiting of gedwongen prostitutie, zoals dwangarbeid, afpersing of seks tegen de wil.
- Noodgedwongen vlucht: het huis ontvluchten door dreigend huiselijk geweld, bijvoorbeeld opvang zoeken in een blijf-van-mijn-lijfhuis.
- Onthouden van zorg: gebrek aan basiszorg of toezicht met gezondheidsrisico’s, zoals geen voeding, medische zorg of hygiëne.
- Onthulling: een kind, volwassene of oudere vertelt over actueel huiselijk geweld, mondeling of schriftelijk, bijvoorbeeld via een app.
- Seksueel geweld: signalen van seksueel misbruik of dwang, zoals ongewenste aanraking, aanranding of verkrachting.
- Wegvallende zorg met gezondheidsrisico: plots wegvallen van zorg door suïcide, zelfbeschadiging, psychiatrische crisis of intoxicatie.
- Onthulling (disclosure).
Onthulling (disclosure)
Een onthulling houdt in dat een kind, volwassene of oudere hulp zoekt bij actueel huiselijk geweld, direct door expliciet om hulp te vragen of indirect door erover te vertellen. De betrokkene ervaart een crisis en/of vreest voor zijn eigen veiligheid of die van gezinsleden. Een onthulling wordt altijd beschouwd als acute onveiligheid en moet direct bij Veilig Thuis worden gemeld.
Niet elke situatie is een onthulling. Als hulp al is ingezet en het geweld met een hulpverlener wordt besproken, geldt dit niet als onthulling. Wél als er nieuwe zorgen of informatie worden gedeeld, zelfs als er al een melding is gedaan, bijvoorbeeld een vermoeden van seksueel misbruik tijdens hulpverlening bij verwaarlozing.
Structurele onveiligheid
Structurele onveiligheid betekent dat iemand langdurig of herhaald wordt blootgesteld aan onveiligheid. De situatie lijkt soms even rustig, maar de onveiligheid keert steeds terug. Er is sprake van een patroon van geweld, mishandeling of verwaarlozing dat blijft bestaan. Een eerdere geschiedenis van huiselijk geweld is een belangrijke aanwijzing dat de onveiligheid aanhoudt.
Voorbeelden van structurele onveiligheid (in alfabetische volgorde):
- Getuige huiselijk geweld: kinderen zien, horen of voelen het geweld tussen hun ouders en ervaren dezelfde schade als zelf worden mishandeld.
- Herhaald financieel misbruik: iemand wordt herhaaldelijk financieel uitgebuit, bijvoorbeeld door geld of bezittingen af te nemen, fraude met pinpas of rekening, of door dwang bij testament of hypotheek.
- Herhaald huiselijk geweld: terugkerend lichamelijk, seksueel of psychisch geweld waarbij eerdere incidenten het risico op nieuw geweld vergroten.
- Herhaalde lichamelijk mishandeling: terugkerend lichamelijk geweld zoals slaan, schoppen, knijpen, duwen, stompen.
- Herhaalde lichamelijke verwaarlozing: terugkerend tekort aan zorg voor een kind, zorgafhankelijke volwassene of kwetsbare oudere, zoals gebrek aan eten, kleding, onderdak, medische zorg, hygiëne of toezicht.
- Herhaalde psychische mishandeling: terugkerend psychisch kwetsen, bijvoorbeeld door dreigen, vernederen, uitschelden, manipuleren, stalken of gaslighting (de waarheid verdraaien waardoor iemand aan zichzelf gaat twijfelen).
- Herhaalde psychische verwaarlozing: terugkerend tekort aan aandacht, respect of emotionele steun, bijvoorbeeld door sociaal isolement, beperking van zelfstandigheid of onthouden van schoolgang bij een kind.
- Herhaalde schending van rechten: beperking van vrijheid of privacy, zoals verbod op contact met anderen of controle van mail en telefoon.
- Stalking: herhaald lastigvallen waardoor iemand zich onveilig voelt of zijn privacy wordt aangetast.
- Zorgmijding: herhaald weigeren of vermijden van noodzakelijke (professionele) hulp, waardoor gezondheid of veiligheid in gevaar komt.
Afweging 3. Kan ik effectieve hulp organiseren?
Acties:
- Beantwoord de afweging met onderstaande informatie.
- Is het antwoord op de afweging:
- Nee: Meld bij Veilig Thuis.
- Ja: Ga naar afweging 4.
- Twijfel je? Overleg met een collega, de aandachtsfunctionaris of Veilig Thuis.
Voorwaarden voor effectieve hulp
- Betrokkenen staan centraal.
- Inzicht in onveiligheid, nu en in het verleden.
- Werken volgens ‘Gefaseerd samenwerken aan veiligheid’.
- Inzet van procesregisseur: 1 Gezin, 1 Plan, 1 Regisseur.
- Iedereen werkt samen aan duurzame veiligheid.
- Hou vol, hou lang vol. Huiselijk geweld is een kwestie van lange adem.
Vragen ter afweging:
- Kun jij of degene die hulp (gaat) bieden het slachtoffer indien nodig in veiligheid brengen?
- Heb jij of degene die hulp (gaat) bieden voldoende zicht op eerdere onveilige situaties?
- Werk jij of degene die hulp (gaat) bieden werken volgens gefaseerd samenwerken aan veiligheid?
- Voel jij of degene die hulp (gaat) bieden zich deskundig en bekwaam om samen met anderen veiligheid te herstellen?
- Kun jij of degene die hulp (gaat) bieden omgaan met de spanning die de situatie oproept?
Afweging 4. Werken betrokkenen mee aan deze hulp?

Acties:
- Beantwoord de afweging met vragen.
- Is het antwoord op de afweging:
- Nee: Meld bij Veilig Thuis.
- Ja: Ga naar afweging 5.
- Twijfel je? Overleg met een collega, de aandachtsfunctionaris of Veilig Thuis.
Vragen ter afweging:
- Zijn betrokkenen en hun netwerk bereid en in staat om direct hulp te aanvaarden?
- Is er een gezamenlijke focus op het stoppen van geweld en herstel van veiligheid?
- Werken alle betrokkenen actief aan directe veiligheid en de oorzaken van geweld?
- Is er een gezamenlijk plan met duidelijke veiligheids-voorwaarden, -afspraken en evaluaties?
- Sluit het plan aan bij de behoeften en zijn de hulpverleningsdoelen helder?
- Zijn er bij meerdere professionals duidelijke afspraken over samenwerking en regie?
Afweging 5: Leidt de hulp tot duurzame veiligheid?
Acties:
- Beantwoord de afweging met onderstaande informatie.
- Is het antwoord op de afweging:
- Nee: Meld bij Veilig Thuis.
- Ja: Vervolgde hulp en monitor tot stabiele veiligheid.
- Twijfel je? Overleg met een collega, de aandachtsfunctionaris of Veilig Thuis.
Vragen ter afweging:
- Stopt het geweld niet binnen de verwachte termijn?
- Blijkt de problematiek ernstiger dan eerder werd ingeschat?
- Worden de gestelde doelen niet behaald binnen de gestelde termijn?
- Loopt de uitvoering van het veiligheids- of hulpverleningsplan vast?
- Is er behoefte aan specifieke expertise om verdere stappen te zetten?
Stap 5. Besluit tot hulp organiseren en melden bij Veilig Thuis
Acties:
- Besluit met de uitkomst van het afwegingskader om:
- hulp te organiseren.
- te melden bij Veilig Thuis.
- Bereid het gesprek met betrokkene(n) voor.
- Ga in gesprek met betrokkene(n):
- Geef het doel van het gesprek aan.
- Deel de signalen en zorgen.
- Deel de uitkomst van het overleg uit stap 2.
- Deel de resultaten van de gemaakte afspraken in de vorige stappen.
- Vraag of betrokkene(n) hulp willen en bespreek wat effectieve en passende hulp is.
- Geef aan als er een melding bij Veilig Thuis wordt gedaan.
- Vang eventuele emoties op.
- Maak duidelijke afspraken over het vervolg.
- Als er hulp wordt ingezet, volg de veiligheidsmaatregelen van deze methodiek.
- Leg vast in het dossier:
- De uitkomst van het afwegingskader.
- Het gesprek met betrokkene(n).
- De monitoring tot duurzame veiligheid.
- Ga door naar stap 6.
Stap 6. Als zorgen blijven
Acties:
- Als de zorgen aanhouden, ook als er hulp is ingezet, en de situatie niet veiliger wordt:
- Volg opnieuw de stappen van de meldcode.
- Ga in gesprek met de betrokkene(n).
- Vraag Veilig Thuis om advies.
- Weeg af met het afwegingskader.
- Doe een melding bij Veilig Thuis als het afwegingskader dit aangeeft.
- Informeer de betrokkene(n) dat er een melding bij Veilig Thuis wordt gedaan.
- Als de zorgen blijven na een melding bij Veilig Thuis:
- Veilig Thuis neemt na enige tijd contact op met de melder.
- Veilig Thuis geeft (beperkt) terugkoppeling over wat zij hebben gedaan.
- Neem zelf contact op met Veilig Thuis als er lang wordt gewacht op terugkoppeling.
- Neem contact op met Veilig Thuis als er nieuwe signalen worden waargenomen.
- Meld opnieuw bij Veilig Thuis wanneer het afwegingskader dit aangeeft.
- Geef betrokkene(n) aan dat er opnieuw een melding bij Veilig Thuis wordt gedaan.
- Als de zorgen aanhouden en betrokkene(n) verhuizen naar een andere woonplaats:
- Vraag toestemming aan betrokkene(n) om de hulp warm over te dragen aan de hulpverlening in de nieuwe woonplaats.
- Als betrokkene(n) toestemming geven, draag de hulp warm over.
- Als betrokkene(n) geen toestemming geven, meld bij Veilig Thuis.
- Als betrokkene(n) bij Veilig Thuis bekend zijn, dan draagt Veilig Thuis de informatie over aan Veilig Thuis in de nieuwe woonplaats.
- Leg vast in het dossier.
